naar top
Menu
Logo Print
08/05/2019 - TONY MEESDOM

ENERGIETRANSITIE IN DE ANTWERPSE CHEMIESECTOR

Stoomnet ECLUSE is goed voor 100.000 ton minder CO2 uitstoot per jaar

In de Waaslandhaven, onderdeel van de haven van Antwerpen, op de linkeroever van de Schelde, werd het stoomnetwerk ECLUSE in bedrijf genomen. Via een pijpleiding nemen vijf chemische bedrijven stoom af die ze gebruiken voor hun productieprocessen. De stoom wordt geproduceerd in de waste-to-energy-installaties van afvalverwerkingsbedrijf Indaver/Sleco. Een en ander moet resulteren in een reductie van de jaarlijkse CO2 -uitstoot met 100.000 ton.

 

In maart 2019 was het stoomnetwerk volledig operationeel. In aanwezigheid van 2 ministers van de Vlaamse Regering werd het netwerk officieel geopend.
In maart 2019 was het stoomnetwerk volledig operationeel. In aanwezigheid van 2 ministers van de Vlaamse Regering werd het netwerk officieel geopend.

 

De idee achter het project is eenvoudig. Bij de verbranding van afval komt warmte vrij. Zet die om in stoom en lever dat aan bedrijven voor gebruik in hun productieprocessen. Omdat die dan zelf geen of minder stoom moeten maken, wordt er in de kering 100.000 ton CO2 -uitstoot bespaard. Door de stoom aan te wenden in plaats van hem om te zetten in elektriciteit, is er ook een primaire energiebesparing.

ECLUSE, sluis voor groene energie

De stoom wordt geproduceerd door o.a. Indaver dat niet-recycleerbaar huishoudelijk afval in drie rooster­ovens verbrandt
De stoom wordt geproduceerd door o.a. Indaver dat niet-recycleerbaar huishoudelijk afval in drie rooster­ovens verbrandt

VAN AFVAL TOT STOOM

In het geval van ECLUSE wordt de stoom geproduceerd door afvalbedrijven Indaver en Sleco, gelegen op de linker-Schelde-oever.

Indaver verbrandt niet-recycleerbaar huishoudelijk afval in drie roosterovens.

Sleco verbrandt bedrijfsafval en waterzuiveringsslib  in drie wervelbedovens
Sleco verbrandt bedrijfsafval en waterzuiveringsslib in drie wervelbedovens

Sleco verbrandt bedrijfsafval en waterzuiveringsslib in drie wervelbed-ovens. De vrijkomende warmte bij deze activiteiten dient voor de generatie van stoom bij 400 °C.

Een buizennetwerk van 5 km brengt hete stoom van 400° C onder een druk van 40 bar tot bij de afnemers
Een buizennetwerk van 5 km brengt hete stoom van 400° C onder een druk van 40 bar tot bij de afnemers

ECLUSE, steunend op de kennis van aandeelhouder Fluvius, bouwde een buizennetwerk van 5 km (waarvan ca. 4 km bovengronds) dat de hete stoom onder een druk van 40 bar tot bij de afnemers brengt. De maximale capaciteit van het netwerk is 160 MW en dankzij de uitstekende isolatie blijft het warmteverlies beperkt tot minder dan 1%.

Het terugkerende condensaat wordt opgevangen in een tank van 50 m³ op lage druk en temperatuur
Het terugkerende condensaat wordt opgevangen in een tank van 50 m³ op lage druk en temperatuur

Na gebruik van de stoom wordt het condensaat gerecupereerd via een aparte leiding, verwarmt het de kantoren van DP World op de terugweg en wordt het hergebruikt door de stoomproducenten. Eventuele overtollige stoom wordt door hen alsnog in elektriciteit omgezet. De afnemende bedrijven zijn allemaal chemiebedrijven die stoom nodig hebben voor hun activiteiten: LANXESS, Ineos Phenol, ADPO, Monument Chemical en Ashland Specialties Belgium.

Aan de ingebruikname gingen lange onderhandelingen vooraf. “De bedrijven verbinden zich ertoe om gedurende 10 jaar stoom af te nemen tegen een vast bedrag, dat concurrentieel is met wat ze voorheen dienden uit te geven om zelf stoom te maken. Indaver en SLECO garanderen dat er altijd voldoende stoom is. Het vertrouwen in zo'n samenwerkingsverband moest natuurlijk groeien in de geesten, met name op de hoofdzetels van de afnemende bedrijven", aldus Silvia Colazzo, communicatiemanager bij Indaver/Sleco. Bij de afvalverwerkers zijn ze er vrij gerust op dat ze te allen tijde stoom kunnen leveren. Hun 6 verbrandingsovens leveren een veelvoud van de 160 MW piekcapaciteit van het stoomnet.

STEUN VAN DE OVERHEID

Maatschappij Linkerscheldeoever, eigenaar van de gronden waar het stoomnet grotendeels over loopt en strategisch promotor van energietransitie in haar gebied, speelde als overheidsinstantie een bemiddelende rol bij de totstandkoming van de overeenkomst.

“Wij hebben ook een ondersteunende rol gespeeld bij het verkrijgen van de 10 miljoen euro subsidie van de Vlaamse Overheid. Dat geld was cruciaal om het financiële plaatje te doen kloppen", vertelt CEO Peter Van de Putte.

Dat ook de overheid zich hier engageert, heeft geholpen om de afnemende bedrijven over de sloot te trekken. In de hoofdkwartieren is lang gerekend vooraleer mee in het verhaal te stappen. Kurt Meert, die als energiemanager voor chemiebedrijf LANXESS België het project opvolgde, bevestigt dit. De fabriek voor rubberchemicaliën te Kallo is een van de voornaamste afnemers van stoom uit het ECLUSE-netwerk. Er worden zowel antioxidanten als vulkanisatieversnellers geproduceerd. De producten worden gebruikt in de bandenindustrie, o.a. om de slijtage van autobanden af te remmen, maar ook voor technische rubbertoepassingen.

RETURN ON INVESTMENT

Kurt Meert: “Instappen in zo'n project impliceert altijd een afweging. Tegenover ons engagement en de vaste kosten die ermee gepaard gaan, moet toch een zekere Return On Investment staan. Wij zien dit project als een economisch alternatief voor een eigen warmte-krachtkoppeling, een investering die wij voor ons niet rendabel achten omdat onze stoombehoefte daarvoor te klein is. Zonder overheidssteun (o.a. via warmte-krachtcertificaten) is zo'n wkk overigens ook niet te realiseren. Het is niet meer dan logisch dat ook ECLUSE ons - naast de ecologische component - een zeker economisch voordeel oplevert, bijvoorbeeld in de vorm van iets lagere energiekosten."

Geheel afhankelijk van ECLUSE is LANXESS overigens niet. Meert:
“We hadden twee stoomketels. De oudste daarvan hebben we stilgelegd, maar de jongste produceert nog steeds een minimale hoeveelheid en die zullen we houden als back-up." De combinatie van terugverdieneffect en ecologie gaf uiteindelijk de doorslag voor LANXESS. “Wij engageren ons om dit project te doen slagen, waarbij LANXESS te Kallo zijn jaarlijkse CO2 -uitstoot met meer dan 20.000 ton per jaar reduceert, wat ruim een vijfde van de totale CO2 -reductie van het project vertegenwoordigt", zo besluit Kurt Meert. 

 

TRIAS ENERGETICA

Volgens de uitbaters voldoet de installatie aan de 'trias energetica', die de richtlijnen voor een energie-efficiënt project beschrijft:

1. Beperk het energieverbruik

Vooraleer zich aan te sluiten op ECLUSE, wekte elk bedrijf apart de energie op die het nodig heeft om de processen te doen draaien. Mét de komst van ECLUSE produceert één installatie - die van Indaver & SLECO - de stoom en nemen de bedrijven stoom af volgens hun behoeften. De onmiddellijke valorisatie van de stoom in plaats van deze om te zetten in elektriciteit, resulteert in een primaire energiebesparing.

2. Gebruik duurzame energiebronnen

Voorheen draaide elk van de deelnemende bedrijven op 100% grijze energie in de vorm van aardgas. Nu gebruiken de bedrijven de stoom die Indaver en SLECO opwekken uit afvalverbranding. Omdat bijna de helft van het afval dat hier verwerkt wordt, bio-organisch is, is de helft van de herwonnen energie dus hernieuwbaar.

3. Gebruik eindige energiebronnen efficiënt

Voor de komst van ECLUSE werd 20 tot 40% van de inputenergie van het afval hergebruikt door de omzetting in elektriciteit. Dankzij ECLUSE wordt een hoger rendement gerealiseerd: 80 tot 90% van de inputenergie wordt nu hergebruikt via de directe levering van stoom. De stoom wordt opgewekt met grootschalige, energie-efficiënte installaties. Er is weinig verlies tijdens het transport door de goede isolatie van het netwerk en het gebruik van oververhitte stoom op hoge druk en temperatuur.